De vijf stappen
- Situatie: waar, wanneer, wie, wat aan de hand?
- Taak: jouw rol en verantwoordelijkheid.
- Actie: wat heb JIJ concreet gedaan/gezegd?
- Resultaat: wat leverde het op — bij cliënt, bij jou, bij team?
- Reflectie: wat leer je? wat doe je volgende keer anders?
Voorbeeld (verkort)
- S: Cliënt met NAH weigert medicatie, was verbaal boos.
- T: Als PB verantwoordelijk voor medicatietrouw en signaal naar arts.
- A: Ik bleef staan, verhief mijn stem, dreigde met melding. Cliënt liep weg.
- R: Medicatie niet gegeven, vertrouwensband beschadigd, MIM ingevuld.
- R: Ik reageerde vanuit eigen frustratie. Volgende keer eerst afkoelen, korte concrete zin, keuze bieden, later terugkomen.
Verdiepingsvragen
- Wat voelde ik in mijn lijf op dat moment?
- Welke overtuiging stuurde mijn actie? (bijv. 'ik moet dit oplossen')
- Wat zou een collega die ik bewonder hebben gedaan?
- Welke competentie zie ik hierin terug?
- Wat is mijn ontwikkelvraag?
Koppeling aan competenties
- Benoem de competentie uit je beroepsprofiel expliciet.
- V&VN: CanMEDS-rollen (zorgverlener, communicator, samenwerker, reflectieve professional, etc.).
- SKJ: professionele autonomie, samenwerken, methodisch werken.
- Sociaal werk: Registerplein-competenties.
Valkuilen
Veelgestelde vragen
Waar staat STARR voor?
Situatie (context), Taak (jouw rol), Actie (wat je deed), Resultaat (wat het opleverde), Reflectie (wat je ervan leert).
Waarin verschilt STARR van STAR?
STAR (zonder tweede R) is een gespreksmethode uit sollicitatiegesprekken. STARR voegt Reflectie toe voor leren.
Hoe lang moet een STARR-verslag zijn?
1 A4. Kort en concreet is beter dan lang en algemeen. Één situatie per verslag.
Kan ik STARR gebruiken voor herregistratie?
Ja. V&VN, SKJ en Registerplein accepteren reflectieverslagen. Koppel expliciet aan competenties uit je beroepsprofiel.
Wat is de grootste valkuil?
Reflectie inruilen voor evaluatie ('het ging goed'). Reflectie vraagt naar patronen, gevoelens en overtuigingen — niet alleen naar het resultaat.
