Terug naar home
Somatische zorg

Wondzorg — observeren, beoordelen, behandelen

Een wond is een symptoom. Bij wondzorg observeer je systematisch (TIME), behandel je de onderliggende oorzaak (druk, vasculair, diabetes, voeding) en kies je het verband dat past bij de wondfase — niet bij gewoonte.

TIME-model

  • T — Tissue: necrose, beslag, granulatie of epitheel?
  • I — Infection: roodheid, warmte, pus, geur, koorts.
  • M — Moisture: droog, vochtig, nat, macererend?
  • E — Edge: wondrand intact, ondermijnd, opgekruld?

Decubitus (drukletsel)

  • Cat. 1: niet-wegdrukbare roodheid, huid intact.
  • Cat. 2: blaar of oppervlakkig wondje.
  • Cat. 3: subcutaan defect, vetweefsel zichtbaar.
  • Cat. 4: bot, pees of spier zichtbaar.
  • DTI (deep tissue injury): paars/zwart vlekkenpatroon onder intacte huid.
  • Niet-classificeerbaar: necrose bedekt de bodem.

Preventie

Wissel houding (max 2 uur), gebruik AD-matras op indicatie, hielen vrijleggen, voeding optimaliseren, huid droog en intact houden, geen donut-kussens.

Ulcus cruris

  • Veneus (80%): compressietherapie, been hoog, bewegen.
  • Arterieel: pijn, koud, geen pulsaties — vaatonderzoek vóór compressie.
  • Gemengd: voorzichtig, in overleg vaatchirurg.
  • Altijd enkel-arm-index (EAI) meten vóór compressie.

Diabetische voet

  • Neuropathie + ischemie + druk = ulcus + infectierisico.
  • Druk eraf halen (offloading) is behandelnummer 1.
  • Dagelijkse voetinspectie, podotherapeut, juiste schoenen.
  • Bij Wagner ≥ 2 of infectie: snel multidisciplinair voetenteam.

Verbandkeuze (globaal)

  • Droge necrose: hydrogel — autolyse.
  • Beslag: alginate, hydrofiber, hydroactief.
  • Veel exsudaat: schuim, superabsorberend.
  • Geïnfecteerd: zilver of jodium tijdelijk, antibioticum systemisch.
  • Granulatie: vochtig schuim/hydrocolloïd, bescherm.
  • Epithelisatie: dun, niet-klevend.

Rapportage

  • Locatie, lengte × breedte × diepte (cm), ondermijning.
  • Wondbodem percentage (necrose/beslag/granulatie/epitheel).
  • Exsudaat (kleur, hoeveelheid, geur).
  • Wondrand en omgeving.
  • Pijn (NRS), gebruikt verband, frequentie wissel.
  • Foto met datum (met toestemming).

Veelgestelde vragen

Wat is het TIME-model?

Tissue (weefsel beoordelen/debrideren), Infection/Inflammation (signalen en behandelen), Moisture (vochtbalans), Edge (wondrand). Helpt systematisch wondbeleid bepalen.

Wanneer wondverpleegkundige inschakelen?

Bij stagnatie > 2–4 weken, complexe wonden (diabetisch ulcus, fistel, oncologische wond), infectie, twijfel over verbandkeuze of decubitus categorie III/IV.

Verschil veneus vs arterieel ulcus?

Veneus: rond enkel, rommelige randen, nat, weinig pijn, oedeem — compressietherapie. Arterieel: tenen/hak, scherp uitgeponst, droog, ZEER pijnlijk, koud — GEEN compressie, vaatonderzoek.

Wanneer is een wond geïnfecteerd?

Roodheid > 2 cm, warmte, zwelling, pijn, pus, geur, koorts, vertraagde genezing. Bij twijfel: kweek + arts/wondverpleegkundige.

Mag ik nat met zalf op een open wond?

Niet zomaar. Wondbodem bepaalt verband. Necrose → debrideren. Beslag → reinigen, autolyse. Granulatie → vochtig houden. Epithelisatie → bescherm. Volg protocol.

Verder lezen