De drie fases
- 1Klap: geef de boodschap kort en direct binnen 1-2 zinnen.
- 2Opvang: ruimte voor reactie — emotie, stilte, vragen. Niet vullen.
- 3Vervolg: pas later samen kijken hoe nu verder.
Wat NIET
- Inleidende praatjes ('hoe was je dag?').
- Verzachten dat het misschien wel meevalt.
- Direct overgaan op oplossingen ('we gaan dit zo aanpakken').
- Mee-emotioneren tot het over jou gaat.
Voorbereiding
- Rustige ruimte, voldoende tijd.
- Wie moet erbij zijn?
- Welke vervolgstappen kun je al noemen?
- Zorg dat je niet alleen bent achteraf — voor jezelf ook.
Een zin
Begin met: 'Ik heb vervelend nieuws voor je.' Dan: de boodschap. Dan stil.